|
|
|
|
Door Raymond
The TeamPeter, beter bekend als blonde god en tegenwoordig racend in het team van Outdoor Valley/Nike ACG had in de weken voor de race last van zijn enkel en schouder. Ikzelf ben lid van het team DART/Merrell en loop al een tijdje in adventurerace land rond en voelde me fit. Voor Peter was dit de eerste kennismaking met zo’n lange race, maar met zijn conditie, doorzettingsvermogen en resultaten in de ‘kortere’ races zou de Terra geen probleem moeten zijn, voor zover je bij de race over geen probleem mag spreken. We hadden in Nike ACG een eenmalige sponsor gevonden en dus gingen we als team door onder de naam Nike ACG Holland. The RaceDe race was 330 km lang en het eerste team werd niet binnen 75 uren binnen verwacht. 26 CP’s en 4 TA’s (transition area’s waar je ook bij je spullen (box) kwam) lagen op woensdag ochtend om 9.30u aan onze voeten. Met 25 teams uit 13 landen waaronder verschillende top teams stonden we aan de start voor de volgende onderdelen: 7km trekking – 100m abseil – 65 km ATB – 50km kajak (rivier + zee) – 80 km trekking – 70 km ATB – 20 km zeekajak – 20 km trekking – 750m zwemmen – 25 km trekking – 25 km kajak – finish. Woensdag: Met een niet al te zware rugzak rennen Peter en ik in de kopgroep richting een rots, genaamd ZIR, waarvan we meer dan 100m moeten abseilen. Eerst moest er dus geklommen worden. Dat ging ons goed af. Samen met de Zwitsers kwamen we op de top aan en bonden we ons in voor de abseil. Dat was effe slikken, die hoogte, maar het was magnifiek. Beneden aangekomen snelden we cross country naar onze fietsen.We zijn alleen en we zien nog geen achtervolgers. Voor het volgende traject is ons op het hart gedrukt om de paden niet te verlaten. Dit is oud-oorlogsgebied en er kunnen nog mijnen liggen. We zien onderweg inderdaad de waarschuwingen: MINES. Gelukkig is dit begin het enig traject waar dit voorkomt. In een lekker tempo en een lange klim pikken we de CP’s 1 voor 1 op tot CP 6. Daarna wordt het terrein ruiger en krijgen we te maken met een landschap met veel stenen. Tijdens een (te) snelle afdaling krijg ik een lekke band. Tijdens het wisselen van de band komen de Zwitsers ons voorbij, shit. Ondanks dat we wisten dat we onze eerste plaats niet zouden kunnen handhaven in dit deelnemers veld, waren we natuurlijk toch een beetje teleurgesteld. Snel weer door, en nog geen tien minuten later hoor ik Peter achter mij vloeken: 2 banden gelijktijdig lek. Dat wordt wisselen en plakken. In de tussentijd komen 2 teams ons voorbij. Na nog een pittig en warm klimmetje komen we bij het startpunt van de kajaketappe. Nog even een kleine pasta salade naar binnen geduwd en de kajakkleding aangetrokken. Waterdichte zakken met onze spullen erin op de boot en off we go. De boten zijn sit-on-tops en ik zit voor en Peter is de stuurman. De beentjes krijgen nu wat rust maar het bovenlichaam krijgt het nu zwaar te verduren. Het eerste stuk is over een rivier en het tweede stuk is over zee richting Starigrad Paklenica. De rivier is overwegend rustig met af en toe een leuke versnelling. We moeten soms uit de boot om een stukje te lopen. De mannen die voor de beveiliging van de ‘wilde’ stukken zorgen zijn top en loodsen ons om de watervallen, tot wel 11m hoog, heen. Dan worden we door een post tegengehouden en moeten we beiden achterin de boot gaan zitten. Op die manier worden we van een watervalletje van meer dan 2m hoog naar beneden geduwd. Even duiken we in zijn geheel onderwater, maar even later drijven we luid proestend en lachend de rivier weer af. Dit is echt heel leuk.
Na een stuw gepasseerd te zijn wordt het water echter heel rustig en is het slechts saai peddelen totdat we eindelijk in zee uitkomen. We hebben inmiddels 2 teams ingehaald en het Zwitsers team hebben we in zicht. Dat peddelen gaat ons blijkbaar niet slecht af. Na een plaspauze van deze Zwitsers hebben we ze al snel te pakken en gaan we ze in een nauw kanaal tussen een eiland en het vaste land voorbij. Het is inmiddels donker geworden en de wind wakkert aan. Wordt het toch nog effe doorstoempen door de golven en de wind. Zeer verrast over onze leidende positie komen we bij het eerste wisselpunt (TA1) aan. De achtervolgende teams zitten ons echter vlak op de hielen. Als ik voor de Kroatische TV ook nog 2 keer hetzelfde interview moet herhalen wegens een technisch probleem, worden we dan ook ingehaald. De dichtbij gelegen Pizzeria is nog open en we bestellen snel 2 pizza’s. We kleden ons om en ondertussen smikkelen we de pizza op. We zijn inmiddels 12 uur bezig. De volgende etappe is een hele lange trekking, maar we komen tijdens deze trekking al vrij snel (lijkt het) weer bij onze boxen. Het begint met het omhoog klimmen vanaf zeeniveau door een (droge) canyon tot een hoogte van 1700m. Dat blijkt toch moeilijker dan gedacht. Die pizza is me ook niet goed bekomen, dus het loopt niet zoals we graag zouden willen. We liggen rond de 3e , 4e plaats. De CP ligt bij een grot, maar in het donker valt het niet mee om dat feilloos te vinden. Peter ziet de CP gelukkig op tijd en we kunnen verder omhoog. Na ongeveer 3 kwartier komt een deelnemer ons tegemoet. Ze hebben de CP gemist en hij moet helemaal terug. Na een half uurtje verder klauteren, zien we zijn maatje in elkaar gerold op de grond liggen slapen. Beetje ver uit elkaar, is het niet? Dan ontmoeten we het Zweedse team waar we een aantal uurtjes samen mee optrekken. We zitten inmiddels rond de 1700m en de wind waait fors waardoor het koud is. De verplichte warme kleding komt nu goed van pas. Vanmiddag vroegen we ons nog af bij 35 graden Celsius waarom we een muts en handschoenen verplicht moesten meenemen. Daarom dus. De route is niet gemakkelijk en het gaat continu omhoog en omlaag. De CP’s lijken op de kaart niet ver uit elkaar te liggen, maar in werkelijkheid doen we er steeds enkele uren over. Als de Zweden een wat langer pauze houden, gaan Peter en ik verder en liggen we als het goed is op een 3e plek achter de Zwitsers en Denen die ongeveer 45 minuten voor ons zitten. Donderdag: Het is alweer ochtend en we komen eindelijk weer bij onze boxen op TA2. Wat een klein ommetje leek te zijn heeft ons bijna 12 uur gekost. De Denen liggen te pitten en we nemen zelf ook een powernap van 15 minuten. Nu begint het tweede gedeelte van de trekking waarvan de duur op 24 uur geschat wordt. Dit wordt een zware en naar mijn mening het breekpunt van de race. We komen onderweg geen dorpjes oid tegen en we zijn voor onze watervoorziening aangewezen op waterputten die ons door de organisatie zijn aangewezen. Geen stromend water dus maar echte waterputten bij mountainshelters of gewoon uit riviertjes. Dat is echt adventure racing zoals het hoort. Het landschap is heel gevarieerd. Dan weer lopen we door de bossen, dan weer door het helmgras en dan klauteren we weer over rotsen. Het gaat steeds maar flink op en neer. We lopen een hele tijd met het Deens team samen. Dan is er wat verwarring over de route. De paden zijn niet goed zichtbaar maar ze worden wel met stippen gemarkeerd. Maar hier gaan de stippen een ander kant op dan we zouden willen. Na een 20-tal minuten heeft Peter de oplossing gevonden en zoeken we het goede pad weer terug. Het heeft wat tijd gekost en een Kroatisch (mixed) en Duits team heeft ons ingehaald. Na een verversing bij een waterput nemen Peter en ik snel de benen omdat we merken dat wij sneller zijn en de rest ons eigenlijk alleen maar volgt. Dat lukt gedeeltelijk en samen met de Denen zetten we er flink de pas in. We proberen zoveel mogelijk van dit moeilijk te vinden parcours in het licht af te maken. Het begint nl alweer te schemeren. Vrijdag: De voorlaatste CP van deze trekking ligt bij een heus Hotel en Peter en ik besluiten om daar een slaapje te gaan doen. Maar alvorens we daar zijn hebben we nog heel wat bergen te verzetten. Er lijkt geen einde aan te komen. De Denen zijn er van door gegaan. Dat vinden we niet erg want ze liften eigenlijk met ons mee. We zullen ze later nog wel zien. Dan eindelijk eindelijk zien we wat lichtjes verschijnen en lopen we naar het Hotel toe. De post licht in een tentje voor het Hotel, maar het hotel is open en we lopen om 5.00u naar binnen. Hier is het lekker warm en er staan lekker zachte banken. Na enig aandringen mogen we van de nachtportier een uurtje op de banken liggen. Het werden er 2 uurtjes. Het opstaan is vreselijk. Echt vreselijk. Met pijn en moeite staan we op. Peter loopt naar buiten en ik ga even kijken wat er aan de hand is. Hij voelt zich helemaal niet lekker is vreselijk misselijk. Even blijven we nog zitten totdat het wat beter gaat. We gaan weer langzaam op pad en tijdens het lopen knapt Peter weer op. Het is inmiddels weer licht geworden. Nog geen half uur later komen we onze Deens en Duitse vrienden tegen. Ze kunnen de volgende CP niet vinden. Ze hebben helemaal niet geslapen. Ik leg ze uit dat ze nog niet ver genoeg zijn. En we gaan samen weer op pad. Het blijkt inderdaad niet zo gemakkelijk te vinden te zijn en na een tip van het Kroatische team hebben we de CP vrij snel te pakken. Op naar de volgende TA in de haven van Karlobag, waar onze fietsen klaarstaan. Het is inmiddels alweer lekker warm geworden en het is dan ook een leuke verrassing als de mensen op de TA een ijsje voor ons gekocht hebben. Ook nog even snel een potje pasta gemaakt. De Zwitsers liggen ver voor. De Zweden reden net weg toen wij aankwamen en ook de Duitsers liggen nog voor ons. We beklimmen onze fietsen en de etappe begint met een klim van 20km. Het is wel lekker om na het lopen nu te kunnen fietsen. Na een half uurtje halen we de Duitsers in die aan de kant van de weg zitten te rusten. Het is dan ook snikheet. Omdat het met haarspeldbochten omhoog gaat kunnen we ver achter ons kijken. Steeds zitten we te loeren naar andere teams. We zien alleen (denken we) de Duitsers. Na de eerste CP krijgen we een nogal met stenen bezaaid pad en het is lastig fietsen. Maar al snel gaat het pad weer over in een vrij breed gravelpad. Dit is een vrij bijzonder (hoogte) pad dat rond een bergkam slingert. Dan eens zitten we aan de linkerkant van de berg en even later gaan we over een zadelpunt en zitten we aan de rechterkant van de berg. Zoals bijna tijdens de hele route tot nu toe komen we geen mens tegen. Eigenlijk valt er over dit gedeelte weinig te vertellen. We hebben dropjes gegeten, zijn gestopt om te poepen (ja Belgische vrienden, daar hadden we tijd voor). Met nog 20 km voor de boeg op weg naar Jablanac, begint plotseling het asfalt. Dit asfalt zou ons helemaal tot in Jablanac brengen. We zoefden in het inmiddels weer donker naar beneden. Dan hoor ik achter mij wat lawaai. Ik kijk achterom en zie het lichtje van Peter mij nog steeds volgen. Was zeker niets. Dan komt Peter naast me rijden en zegt: volgens mij heb ik een beest doodgereden. Er was een beest tegen hem en zijn fiets opgerend en Peter was bijna op zijn bek gegaan. Het beest lag blijkbaar nog stuiptrekkend op de weg. We gaan weer verder en 10 minuten later hoor ik Peter weer roepen: Ray, ik heb er weer eentje geraakt! Ook nu was Peter weer met de schrik vrijgekomen en het dier, wat het wezen moge, ook. Eindelijk komen we in Jablanac aan en we koken weer een pot pasta. We nemen 1.5 uur slaap alvorens 20km naar een eiland te kajakken. De wind is enorm. We moeten oppassen dat onze spullen niet wegwaaien. We merken dat de Denen geen slaap nemen en te water gaan. Wij draaien ons nog een half uurtje om. Mmmmh lekker. Zaterdag: Dan moeten ook wij eraan geloven. De wind is enorm en we vragen de post om Simun, de wedstrijdleider, te bellen of dit wel verantwoord is. Er wordt ons aangeraden om een stuk langs de kus te varen en dan in 1 rechte lijn, met de wind mee, over te steken naar het eiland. We gaan het proberen. Als we 20m uit de kust varen worden we bijna omver geblazen en we moeten moeite doen om weer in de luwte van het land te komen. Zo zo, dit is niet mis. We zijn verplicht om elk inhammetje te volgen om niet in de storm terecht te komen. Zo bereiken we het punt waar de boeg 90 graden gaan keren om naar het eiland (en ook de CP) te varen. Op de kaart zien we dat we op het goede punt zitten, ook al is het donker, en there we go! We peddelen alsof ons leven er van afhangt en soms surfen we op een golf mee. Dit goed loeisnel, en voor we het weten zitten we aan de overkant. Vanuit de boot is er geen CP te bekennen, dus we besluiten op het land te klimmen. Daar zien we meteen een tentje staan en ook de vrijwilliger. Precies goed. We zijn hier het 3e team en de Denen zijn nog niet langs geweest. Leuk voor ons, maar waar zijn ze dan in Gods naam gebleven? Achteraf bleek dat ze gewoon domweg op een knipperend lampje op het eiland zijn afgevaren, maar daar was niet de CP. Toen hebben ze gezocht en zijn uiteindelijk maar gaan slapen totdat het licht werd. Toen hebben ze de CP wel gevonden. De volgende loopetappe gaat over dit eiland genaamd RAB. Het is een hele saaie asfaltweg over 20km. Dit was echt het minste stuk van het parcours. Het is inmiddels ochtend en het schiet niet op deze weg. We lassen ook nog een powernap van 15 minuten in. Uiteindelijk komen we bij de CP waar we de instructies krijgen dat het zwemmen naar een volgend eiland niet doorgaat wegens de harde wind. Dat zien we zelf ook want er staan schuimkoppen en er stijgen mini tornado’s uit het water op. De CP heeft als verrassing dat we een stuk moeten kajakken naar een plek verderop op het volgende eiland. Echt waar? Met deze wind kajakken? Nu is het tegen de wind in. Dat is niet lollig. We geloven het bijna niet maar gaan toch te water. We beginnen tegen de golven in te beuken en soms lijkt het alsof we niet vooruit komen. We blijven beuken tot we erbij neervallen. Na een uur beuken zijn we eindelijk aan de overkant. We zijn bijna gesloopt. Op het strand aangekomen worden we door een dame verwelkomt. We kleden ons rustig om voor de volgende trekking over dit eiland. Ik heb ondertussen door het vele zeewater, wat last van mijn rechteroog gekregen. We lopen door een dorpje en halen bij de plaatselijke bakker nog een puddingbroodje en een stuk koude pizza alvorens we de hitte en de stenenmassa in het midden van het eiland opzoeken. De eerste kilometers kunnen we nog over een stenen pad lopen en rennen dat langs windmolens loopt. Daarna houdt het pad echter op en moten we over de stenen. Deze zijn scherp en je kunt met geen mogelijkheid meer hardlopen. De volgende CP ligt bij een toren ongeveer halverwege de route over dit eiland. Na deze toren wordt de stenenmassa alleen maar erger en we besluiten een doorgang wat meer westelijk te zoeken. Er loopt ook een asfaltweg helemaal aan de westkant van het eiland, maar die mogen we absoluut niet gebruiken. Elke keuze die we maken is niet gemakkelijk. Na bijna 8 uur over het eiland zwalken komen we dan uiteindelijk bij de brug (naar een volgend eiland) waar de wissel naar de laatste kajaketappe zal zijn. Het begint alweer te schemeren en we zijn eigenlijk wel moe. Het feit dat we weten dat we over een uurtje of 4 bij de finish kunnen zijn, doet ons besluiten om meteen in de kajak te stappen richting de finish. Aldus stappen we in de kajak en peddelen we linksom de rotsen richting de eerder genoemde brug waar we onder door moeten. In het kanaal staat een stevige stroming tegen en het lijkt alsof we niet vooruit komen. We maken gebruik van het keerwater van de rotsen om beter vooruit te komen. Als we het kanaal uit varen steekt de wind zijn kop weer op en voor je het weet zitten we weer in een stormachtige wind tegen. We moeten weer recht over varen tegen de golven en de wind in om daarna in de luwte van het land verder te varen. Het lijkt nog erger dan de vorige keren. We peddelen weer alsof ons leven eraf hangt. Ik kan mijn ogen nauwelijks open doen omdat er continu een golf over me heen komt. De lampjes in de verte op het vaste land lijken echter niet dichterbij te komen. Ik vraag af en toe aan Peter of hij denkt dat we vooruit komen. Hij heeft iets minder water in zijn ogen en ziet het wat beter (in het donker). Hij roept boven de wind uit: nog effe doorrammen! Dat doen we dan maar. Na anderhalf uur rammen zie ik dan toch wat contouren voor me. Is het dan eindelijk gelukt? De wind neemt langzaam af en in de luwte gaan we even aan de kant uitblazen. Dat was me wel weer een gevecht. Pffff. Het lijkt er op te zitten, maar we moeten nog een uurtje of 3 langs de kust varen in rustig water. Omdat we doodop zijn vallen we om de beurt regelmatig in slaap. Het schiet niet op zo. Dan gaan we maar liedjes zingen om wakker te blijven. Ons repertoire is echter te klein. Kom, we gaan nog effe doorpeddelen. Tien minuten later draait de boeg van de boot zich weer de verkeerde kant op als Peter in slaap valt. Zo gaan we nog een tijdje door en de finish lijkt maar niet in zicht te komen. Ik vond het tegen de wind in beuken eigenlijk veel leuker. Dan eindelijk eindelijk eindelijk zien we de finish in de verte. Als we de kade naderen staan er een 15-tal mensen ons op te wachten. Onder luid applaus kruipen we van de boot. We hebben het gehaald, een schitterende, nooit verwachte derde plek in deze loodzware Terra Incognita 2006. We krijgen een fles champagne en drinken een plaatselijke borrel. Ik laad de champagne knallen en spuit in het rond. We zijn echt heel heel blij. En moe. Maar eigenlijk te blij om moe te zijn. Het voelt als een overwinning. Peter en ik omhelzen elkaar. Dan volgen we de lieflijke dames van de organisatie naar het hotel. Ik laat nog even naar mijn geďrriteerde oog kijken door de dokter. We krijgen de sleutel van onze kamer (zat in de prijs) en we nemen een heerlijk douche. Wat is dit lekker, wat is dit een beloning. Na 4 en een halve dag bikkelen is dit het mooiste wat er is: douchen. Ik kruip tussen de schone lakens en ben meteen vertrokken. Midden in de nacht wordt ik wakker als Peter plotseling over mij heen kruipt. Nou zo intiem zijn we toch ook weer niet geworden. Peter roept: Ray, kom snel, we moeten verder! Ik begrijp dat hij denkt dat we nog aan het racen zijn. Ik leg hem uit dat we al binnen zijn en dat we nu mogen gaan slapen. Zo zie je maar weer hoe intensief je met zo’n race bezig bent. De volgende dag is de spek met eieren goddelijk en ontbijten we samen met de Zweden die 2e zijn geworden. Aan de tafel naast ons zitten de winnende Zwitsers, de Duitsers en de Denen. Er wordt nagekaart over de race. Dit is fantastisch. De sfeer is prima en we raken niet uitgepraat. Een luxe hotel, nieuwe vrienden, een derde plek en een geslaagde race. Wat wil je nog meer? |
|
You can contact the D.A.R.T. at
bas@adventureracing.nl
|